Waar ik van wakker lig.

Ik maak me zorgen. Om mezelf.
Overdag lukt het om de rillingen van me af te schudden, maar in de rauwheid – de grauwheid – van de nacht weegt alles zo veel zwaarder.
Ik lig wakker. Ik maak me zorgen.
Dat het zowat allemaal een beetje veel te veel wordt. Dat ik 8 blogposten in een soort van klad heb staan en de tijd niet vind om ze na te lezen, of gedachten te ordenen. Net nu, terwijl ik schrijven zo hard nodig heb. Broodnodig om door het bos de bomen te blijven zien, of gedachten ergens te kunnen parkeren, zodat ze niet nodeloos in mijn hoofd blijven dwalen.

Ik lach, ik keuvel mee. Maar ik leef al een hele tijd niet meer, voel ik. Ik beleef het mee, langs de zijlijn. Mijn gedachten houden mij tegen. Ik kan al langer niet meer de echtgenote of vriendin zijn die ik wil zijn, of het familielid waar op gerekend kan worden. Ik ben niet meer de lijm wanneer het op dingetjes-inplannen aankomt. Ik vergeet.
En ik voel mij zo schuldig.

Ik word geleefd. Door een agenda die dan wel weer schijnbaar moeiteloos aan en in elkaar wordt geschoven.
De agenda die ‘Sofia’ heet.
Eentje die met de start van het schooljaar vooral in míjn plannen sneed.
Ik knipte zorgvuldig de mij-tijd weg, en plakte er Sofia-tijd in. Zo sjees ik maandag van huis naar het revalidatiecentrum, naar huis, naar het revalidatiecentrum, naar school, naar huis, naar school, naar de bureau (Bednet) naar ’t Kinehuis (bobaththerapie) naar huis. Van ochtendspits tot avondspits ben ik aanwezig, voor Sofia, voor het gezin. Ben ik chauffeur, huishoudster, kok, manager. Maar ben ik er niet voor mezelf. Nog minder als een lange Leuven-dag op maandag valt. En dat gebeurt veel te vaak.
Op dinsdag komt de huishoudhulp en is de letterlijke ruimte voor mezelf gedeeld. Dan plan ik schoolwerk in, en is er opnieuw veel ‘Sofia’ in de namiddag. Ik ben blij als ik om half vier de deur achter mij kan dichttrekken om richting academie te rijden, waar ik even, heel even, gewoon juf Ellen kan en mag zijn.
Woensdag is te-veel-ziekenhuisdag. Ofwel staat er een lange baxterdag ingepland, of we worden verwacht in Brugge voor behandelingen aan haar littekens, of we zitten precies wel ‘ergens’ anders. De ochtenden dat ik wél op woensdag inkopen kan doen op de wekelijkse Wevelgemse markt zijn zeldzaam, maar worden gekoesterd.
Op donderdag staat opnieuw een lange sjeesdag op het programma. Al komt er ditmaal een extra moeilijkheid bij: die van ‘zelf gaan werken van 8 tot 10’. De echtgenoot doet het halve goochelwerk tijdens de ochtendshift en dropt zowel de 3 andere kinderen, als Sofia op de juiste plek. Ik ‘kan’ op deze manier les geven, in de dagschool, Nederlands, van 8 tot 10. Het belt 5 voor 10, en ik heb nog nét tijd om een sanitaire stop te doen voor ik de volle speelplaats doorkruis en haastig de auto in kruip. Als ik 2 minuten talm, of nog een collega aanspreek, verlies ik tijd en ben ik niet op tijd aan het revalidatiecentrum om Sofia op te pikken van haar therapieën en vervolgens naar school te brengen, voor anderhalf uur.
Vrijdag is een gedeelde dag. Ik kan na de ochtendrush nog even nippen aan een extra koffie, ‘met mijn hoofd bij de les’ m’n boekentas maken. En ik kan in alle rust aanschuiven aan de tafel in de leraarskamer om er aan gezellige smalltalk te doen met de ‘springers’ van het tweede lesuur, vóór de meute mij en ons vergezelt in het speeltijdgewoel. In de namiddag is Alexander er, en kunnen we de zorgen delen, of bijpraten, of het weekend organiseren. Dit is een gewone week. Maar geen enkele week bleef gewoon. Er kwamen vergaderingen tussen, klasuitnodigingen, overlegmomenten met het CLB, de reva, de zorgcoördinator, CM, contextbegeleider, thuisbegeleiding,… Gesprekken die tijd vroegen, in mijn hoofd en met mijn lijf. Ik leefde met mijn klok in ’t zicht. Raakte nooit gewoon ergens rustig op tijd en hinkte met mezelf achterop.
Het is telkens opnieuw weekend voor ik het weet. En dan wordt het huis gedeeld met 5 huisgenoten, en – eerlijk is eerlijk – die samen-tijd doet zo énorm deugd, maar de rust is ver te zoeken. Het is druk en er is drukte.

En laat mij nu net stellen dat het net die eeuwige zoektocht naar rust is die mij de voorbije twee maanden deed wankelen. Ik was ineens alle mij-tijd kwijt.
Ik was er voor Sofia; ik nam haar elke middag ‘in huis’, zat trouw naast haar tijdens Bednet-momentjes, nestelde haar in de zetel met een boekje of hielp bouwen aan haar Duplokastelen wanneer de toren dreigde om te vallen. Ik zorgde voor haar rust, ik was fysiek aanwezig. Zodat er ook ’s avonds, van zodra de andere kinderen thuis waren, rust was, en niet elk brandje een inferno werd. Want díe rust wordt gekoesterd. In een nog niet zo heel ver verleden waren avonden steevast martelingen: Sofia kon de prikkels niet aan, kwam thuis, en reageerde zich af, als een tornado, op alles en iedereen dat haar pad kruiste. Sinds we startten met Bednet, is er tijd om te ontprikkelen, tot rust te komen, nieuwe energie te vinden, om zo de drukke avondspits met haar broertjes en zus te trotseren. En dat loopt. En dat doet deugd, die rust. Al snoeide ik zo wel in de kleine kostbare momentjes met mezelf. En ook al staat het belang van het gezin en het welbevinden van mijn huisgenoten op de eerste plaats, het vrat.

Ik zocht hulp, praatte met nichten en enkele vriendinnen. Maar een stap richting huisarts was te drastisch. Omdat ik wankelde om het evenwicht zo hard zoek was. En omdat ik vreesde dat het antwoord dat ik daar zou krijgen niet zo voor de hand liggend zou zijn voor mezelf.
Ik kwam na zes weken ploeteren tot de vaststelling dat ik mijn job niet kwijt wilde. Ik koesterde de 8 contacturen les, ze laadden mijn batterijen op. Ik vertrok vaak met tranen die hoog zaten (en even vaak ook naar beneden vielen op mijn schoot) richting school of academie, maar kwam net dáár buiten met herwonnen energie.
Zo was het ook erg duidelijk dat ik mijn ‘engagementen’ niet kwijt wilde. Ik ben altijd een ambitieus mens geweest, en het kruipt waar het niet gaan kan. Ik moest net dáár de pauzeknop indrukken toen Sofia geboren werd, en nog dieper induwen toen bleek dat er zoveel meer aan de hand was. Ik schoof ambities opzij, sommige de ijskast in, andere werden helemaal uit ‘mijn huis’ gebannen. Ik vond opnieuw die kracht om ergens voor te gaan – vollebak – in speeches geven over PID, getuigen over het zorgouderschap, op de barricades springen als het de zorg betreft van anderen die het niet gemakkelijk hebben. Iets kunnen doen met mijn talent (het schrijven en het spreken voor een grote groep, zonder vrees, in zowel Nederlands als Engels) heeft opnieuw vuur aangewakkerd. Eentje waar ik energie uit haal. Eentje waar ik mij gedragen voel door het netwerk waar ik het voor doe: voor iedereen die een stem en een vuist kan gebruiken maar er zelf de moed of de kracht niet voor heeft. En in het bijzonder voor onze eigen Sofia, die mijn grote inspiratiebron van moed en kracht is.

Ik zat in het rood, diep in het rood. Er moest wat veranderen.
Ik hakte een drietal weken terug een knoop door: eentje van de drastische pauzeknop, voor mezelf: Ik trek me terug. Alleen. Binnenkort. Van vrijdagmiddag tot maandagochtend. Ik skip de avond- en ochtendrushes bewust. Het was de enige uitweg die ik zag, na weken van zoeken naar tijd voor mezelf en diezelfde tijd altijd maar weer door mijn vinger voelen glippen, als zand. Of het dé oplossing is voor meer evenwicht op mijn persoonlijke balans, kan alleen de tijd vertellen. Maar het is het proberen waard.
Ik had een duwtje nodig van Griet, die twee weken richting Thailand vertrok, alleen. En van de mama van Louise, die vertelde over de zalige nachten alleen, voor het werk weliswaar, in Amerika. Wat hield mij tegen om niet eens bewust te kiezen voor mezelf? Ik wist en voelde het antwoord: de achterklap.
Alleen… Het verlangen naar die ruimte voor mezelf was deze keer groter dan het risico om genadeloos neergesabeld te worden door meningen van anderen die (laat ons eerlijk zijn) er eigenlijk niet toe doen.

Want wat en wie er wel toe doet, daar ben ik wel in de voorbije weken achter gekomen: dat zijn diegene die mijn lijm niet nodig hebben om terug te koppelen naar hoe het hier draait. Dat zijn diegene die hier in huis elke dag het beste van zichzelf geven om ons gezin te helpen draaien. Dat zijn diegene die geen woorden nodig hebben, maar voelen wat we nodig hebben. Dat zijn diegene die het aandurven te vragen hoe ze onze rugzak kunnen helpen verlichten.

En dat is bovenal liefde.
Want het is de liefde die ons draagt.
En ook: alleen genoeg liefde voor mezelf kan mij blijven stuwen – voortstuwen – in alles wat ik doe voor Sofia, voor ons gezin, en ver daar buiten.

* * * * * * * * * *

Acht geparkeerde gedachten en blogberichten in het klad, en dan dit neerpennen in de nacht. Het overviel mij, na het lezen van dit gedicht van Lizismore. Ik lag er wakker van. En waar dat wakker-liggen anders zo moeilijk ligt, schreef ik, en was alles zo helder.

Als je vraagt hoe ’t met mij gaat,
zeg ik ça va en lach.
Je hebt geen tijd voor wat ik voel,
enkel voor goeiendag.

De rugzakken die wegen door,
de maskers zelfs nog meer,
voorlopig blijf ik lachen,
maar ik weet niet tot wanneer.

Als je ooit benieuwd mocht zijn,
naar mij en mijn gevoel
dan toon ik je mijn rugzak,
zodat je weet wat ik bedoel.

Photocredits Joshua D’Hondt

6 gedachten over “Waar ik van wakker lig.

Voeg uw reactie toe

  1. Ongelofelijk herkenbaar 🙄. Zorgen voorop en geen ademruimte , geen ruimte of rust voor jezelf, voelen in het rood te komen, zoeken naar een manier om terug op te laden. …. ik zoek nog even verder, hoop dat jij het op deze manier hebt gevonden

    Like

  2. Dapper dat je dit zal doen en vooral ook JE MOET DIT EENS DOEN.
    Maar denk ook aan oplossingen op lange termijn. Want één weekendje voor jezelf zal je batterijen niet voldoende opladen.
    Ik ben mama van 4 zonder zorgkind en moet al zorgen dat ik mezelf niet voorbij hol en vechten voor wat ME-time. In jouw geval met Sophia is dat nog bakken zwaarder.
    Maar op te starten: geniet vooral van je ongelooflijk welvediende weekend in RUST!

    Like

  3. Lieve Ellen. Dit is onleefbaar. En: ik hoop dat je structurele oplossingen kan vinden, alleen weet ik dat in zo een periode de rust in je hoofd om daar over na te denken, ontbreekt. Is er een vorm van mantelzorg mogelijk voor jullie gezin, zodat bepaalde dingen structureel door iemand anders opgepakt worden? Blijven werken is inderdaad een heel belangrijke, zodat je meer kan zijn dan moeder en verzorger.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: