Leven na verlies is durven. Liefhebben na verlies vraagt lef.

Een pleidooi voor zachtheid.

Iedereen heeft er een mening over. Over wanneer je weer ‘mag’ daten na het verliezen van je partner.
Te vroeg. Te laat. Te ongepast. Te gretig. Te bang.
Alsof er ergens een onzichtbare handleiding bestaat voor rouw, compleet met een tijdlijn, een kader waarbinnen het oké is dat je je hart opnieuw opent. Een strak tijdslot. Riskeert ge te vroeg te zijn, vangt ge commentaar, is het tijdslot voorbij, dan vindt ge nooit nog iemand.
Blikken. Fluisteringen. Alles wat ge doet wordt geregistreerd. En iedereen heeft een mening, en geeft die dan ook. Ongezouten. Soms luid, soms subtiel, maar altijd aanwezig.
Ja, ze wringen. Want rouwen doe je in het openbaar, blijkbaar.
Iedereen kijkt mee, weegt mee, oordeelt mee. Iedereen… behalve diegenen die óók in jouw schoenen staan.
Wat bijna niemand zegt, maar wij weduwen wel voelen: er bestaat geen juiste timing.
Alleen onze eigen timing.

En toch.
Het knaagt, het spuwt, het maalt, soms. Ik weet dat het onzin in, belachelijk is zelfs, maar die oordelen blijven langst van al hangen in mijn hoofd.
Alsof ik mezelf moet verantwoorden dat ik nog lééf.
Dat ik weer durf hopen.
Dat ik opnieuw wil voelen, praten, lachen.
Alsof leven na verlies not done is.
Alsof liefhebben na verlies automatisch betekent dat je het verleden verraadt.
Maar zo werkt het niet. Mijn liefde voor wie ik verloor is niet verdwenen. Mijn rouw is niet miraculeus opgelost.
Wat verandert is dat mijn hart besluit ruimte te maken. Dat er nog plaats is voor meer.
En dat is misschien wel het dapperste wat een mens kan doen.

En dan dat daten zelf.
Ik ga er niet om liegen: het is dodelijk vermoeiend. Je moet jezelf telkens opnieuw voorstellen, je geschiedenis op tafel gooien, en hopen dat iemand het niet te zwaar vindt om mee te dragen. Het is zoeken naar nabijheid en erkenning, invullen van huidhonger, en hunkeren naar warmte en aanraking, naar voelen, naar mogen gezien zijn.
En in dat stille hunkeren naar een maatje, iemand die er is, die jouw verhaal wil horen en niet wegloopt van al dat verdriet maar die door dat verdriet heen ook gewoon jóu (graag) ziet.
Alleen… velen haken af zodra het woord ‘weduwe’ valt.
Alsof het een red flag is, een alarm, een teken voor ‘te ingewikkeld, te beladen, te veel geschiedenis’. En dat doet zeer. Niet omdat ze weggaan, of stilletjes – als een geest in de nacht – verdwijnen. Maar omdat dat een veel groter maatschappelijk probleem blootlegt: hoe weinig ruimte de samenleving soms geeft aan een hart dat tegelijk rouwt en liefheeft. Dat het niet zwart-wit is. Dat het geen of of verhaal is, maar een heel mooi en en verhaal kan en màg worden.

En ook: wat een lef vraagt het van hém. We praten vaak over de weduwe, maar zelden over de nieuwe partner. Want stel dan dat je iemand vindt die blijft… Wat dan?
Hij schrijft niet op een leeg blad. Het boek is half beschreven, het huis geurt nog naar herinneringen. Er hangen foto’s aan de muur, er zijn tradities die misschien krampachtig in leven worden gehouden om deze óók niet te verliezen. Er zijn kinderen, er zijn verhalen die niet van hem zijn maar die zullen blijven verteld worden. Hij zal nooit de eerste zijn, hij wéét dat er in dat hart voor altijd een kamer zal blijven bestaan waar hij nooit zal binnenkomen. En toch, toch kiest hij om te blijven.
Zo ongelooflijk dapper om te aanvaarden dat er voor altijd schoenen op de mat zullen blijven bestaan, dat ‘die ander’ voor altijd wordt genoemd en dat hij jouw hart voor altijd een stukje zal moeten delen. Schoenen op de mat die misschien groot lijken om gevuld te worden. Ze hoeven niet gevuld te worden, er mag een nieuw paar náást gaan staan. Naast die schoenen.
Dat is moedig.

Ook moedig om dat ‘hoofdpakket mét accessoires’ te aanvaarden. Te aanvaarden, aan te passen aan een heel leven dat al draait. Dat kan niet zonder schuren verlopen.
Het is zoeken, aanpassen, loslaten, opnieuw proberen. Alsof je een puzzelstukje probeert te leggen in een beeld dat al bestaat, krampachtig duwen, moeten wringen, en tóch blijven geloven dat het past.
Het vraagt vertrouwen, van hem. Vertrouwen om te geloven dat mijn hart groot genoeg is voor twee.
Het vraagt vertrouwen, van mezelf. Om mijn hart open te houden zonder mezelf te verliezen.
Als balanceren op een slappe koord tussen verleden en toekomst.
Het is durven samen dansen op die slappe koord: vertrouwen hebben in dat wiebelen, zoeken, leren. En elkaar (op)vangen als moet.

Ik pleit voor zachtheid.
Zachtheid om al het bovengenoemde.
Voor ruimte mógen vragen. Voor fouten maken en opnieuw beginnen.
Ik pleit voor een leven dat opnieuw geleefd, beleefd, doorleefd wil worden.
Ik pleit voor het recht om te rouwen én te beminnen tegelijk.
Om opnieuw jezelf te vinden in een leven dat er anders uitziet dan je voor ogen had.
Rouwen en beminnen sluiten elkaar niet uit; ze bestaan naast elkaar, ze kloppen in dezelfde borstkas, huizen in hetzelfde hart. Liefde is geen taart waarvan je de stukken uitdeelt en ineens alles ‘op’ is en de kruimels uit het bord zijn gelikt.
Neen. Het is als een rivier die blijft stromen en zich vooral niet wil laten indammen.

Dus ja, ik date.
Ja, ik zoek.
Ja, ik zou zo graag weer willen liefhebben en graag gezien worden.
Niet omdat ik vergeten ben, maar omdat ik herinner.
Omdat ik niet vergeten ben om te voelen.
Omdat het leven aan me trekt om opnieuw te leven.
En eerlijk? Dat mag. Dat móet zelfs.

Dus als ik één ding mag vragen:
Oordeel niet te snel.
Niet over mij, niet over andere weduwen.
Het pad van rouwen en beminnen, van opnieuw durven beginnen en opnieuw liefhebben – het is nooit recht.
Het is kronkelig, grillig, rommelig.

Maar is het verdorie ook zo schoon.
Omdat er in dat zoeken, in dat proberen leven, iets zit dat zoveel groter is dan het verlies:
de moed om je hart opnieuw open te stellen.
Want leven na verlies is durven.
En liefhebben na verlies vraagt lef.
En daar zit geen juist tijdslot op.
Alleen de jouwe.

2 gedachten over “Leven na verlies is durven. Liefhebben na verlies vraagt lef.

Voeg uw reactie toe

  1. Ik gun je ‘gezien’ worden, bemind worden, mogen delen. Delen in schaterlachen en groot verdriet.
    Niet iedereen heeft een oordeel klaar. Ik geloof graag dat velen ‘gunnen’

    Iedereen heeft liefde nodig, want liefde is alles❤️

    Like

Plaats een reactie

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑